h

Columns

NEVER WASTE A GOOD CRISIS

Grote crises zijn vaak aan grote veranderingen voorafgegaan. Met de kennis dat crises inherent aan het kapitalisme zijn, kunnen we stellen dat we op weg naar de volgende zijn. Wat kunnen socialisten met deze kennis? Van de New Deal tot de neoliberale revolutie: lessen uit grote veranderingen in crisistijd.

Stel je voor, je zit bij een bijeenkomst voor bankiers. Tijdens het rondje vragen uit de zaal, houd je een vurig pleidooi dat banken een nutsvoor­ziening zijn en in de publieke sector thuishoren. Direct daarop zal je de dominante groepsideologie ontmoeten. Je zult horen dat banken moeten concurreren en onder democratisch beheer de concurrentie met het buitenland niet aankunnen. Hetzelfde, maar dan omgekeerd, zal gebeuren als je op een bijeenkomst van SP’ers een vurig pleidooi houdt voor loonmatiging. Ideologie toont zich het best als zij wordt tegengesproken.

Ideologie is een verzameling van ideeën die mensen al dan niet bewust over de wereld hebben en waar zij naar handelen. Hoewel allerlei ideologische opvattingen worden geformuleerd binnen verschillende groepen mensen, is er altijd wel een stroming dominant. Zo is dit nu het neoliberalisme in al zijn smaken. Van het sociaalliberalisme van D66 tot het conservatieve neoliberalisme van Forum voor Democratie.

In een crisissituatie veranderen de omstandigheden dusdanig dat ze in tegenspraak komen met de dominante ideologie. Het is geen uitgemaakte zaak wat er dan gebeurt. Aanhangers van Marx hebben vaak de fout gemaakt om te voorspellen dat uit een dergelijke situatie noodzakelijkerwijs een verbetering voor de werkende klasse komt. Maar de geschiedenis wijst uit dat dat niet per se het geval is. In een crisis gaat de deur op een kier. Wie de deur echt opengooit en wat er dan binnenkomt is niet te voorspellen.

In de geschiedenis was er onder andere een paradigmawisseling in de jaren dertig, met de New Deal in de VS, en in de jaren tachtig, met de opmars van het neoliberalisme. Het zijn met recht revolutionaire wendingen te noemen. We gaan ze langs om er een aantal lessen voor vandaag uit te trekken.

Crisis in de VS: de New Deal

Onder president Herbert Hoover kwam de economie, en daarmee de samenleving, in een hevige crisis terecht. Als begin wordt vaak de beurskrach van 1929 genoemd. Er raakten 13 miljoen mensen werkloos en de lonen daalden met 60 procent. Bij de bedrijven werd een verlies van 6 miljard dollar genoteerd en de industrie produceerde nog maar de helft van wat zij voor de crisis had gedaan. De beursindex ging van 381,17 in 1929 naar 41,22 in 1932.

Onder Hoover werd de crisis geïnterpreteerd als een tijdelijke neergang in de economische cyclus, zoals gebruikelijk in het kapitalisme. Dat ­beschrijft politiek econoom Mark Blyth in Great Transformations. Deze analyse van de crisis wees als oplossing aan om ‘het huishoudboekje van de staat’ weer op orde te brengen. Blyth schrijft: “Door de economie zo te begrijpen werd beargumenteerd dat de rol van de staat tijdens dergelijke crises beperkt is tot het verzorgen van tijdelijke verlichting totdat de onvermijdelijke opgang van de economie weer komt.” Zijn onvermogen om echt iets aan de crisis te doen maakte Hoover erg impopulair.

Franklin Delano Roosevelt zette hier in de verkiezingscampagne van 1932 ingrijpen van de overheid tegenover. Hoewel dit vooralsnog meer retoriek was dan dat er uitgewerkte plannen waren. Na zijn verkiezing wilde hij een coalitie smeden met de vakbonden. Volgens Blyth was dat geen sinecure: “Het belangrijkste probleem in het vormen van een alternatieve coalitie met arbeid was dat die zowel slecht georganiseerd was als slecht organiseerde. In een antwoord op deze uitdaging hielp de staat arbeid om zichzelf te organiseren.” Deze coalitie gaf Roosevelt de spierkracht om zijn plannen te verwerkelijken. En het zorgde bij zijn herverkiezing voor een grote overwinning, mede omdat de vakbonden campagne voor hem voerden.

Roosevelt wist ook een potentiële tegenstander te laten tekenen bij het kruisje: de bedrijfseigenaren. Zijn regering maakte namelijk een andere analyse van de crisis dominant. Eerst werd gedacht dat de overheid te veel uitgaf en het huishoudboekje van de staat op orde moest worden gebracht. Roosevelts regering populariseerde daarentegen de analyse dat de economie in het slop zat doordat te veel mensen het geld niet hadden om de spullen te kopen die gemaakt werden. De industrieel George Soule stelde destijds: “Nu we de technische capaciteit hebben om genoeg te produceren voor iedereen, hoort iedereen voldoende inkomen te hebben om te kopen wat men nodig heeft.” Of zoals Blyth het samenvat: “In een economie met massaproductie is massaconsumptie een noodzakelijkheid.” Met deze analyse van de crisis werd de welvaart van de mensen een noodzakelijke voorwaarde voor de winst van bedrijfseigenaren en de ontwikkeling van de economie.

Voor een aantal grote New Deal-hervormingen wees Roosevelt vervolgens bij Wall Street gerespecteerde mensen aan. Dit hielp om te zorgen dat de bedrijfseigenaren de hervormingen zouden slikken. Het is zoals we ook in Nederland hebben gezien, waar de VVD harde bezuinigingen op de publieke sector bij voorkeur doorvoert met de PvdA als coalitiepartner. Dan zijn de bonden toch net wat milder in hun verzet.

Lessen

  • Identificeer de groep voor wie je op wilt komen. Wie zijn het, wat vinden zij belangrijk en wat verbetert hun leven?
  • Maak een analyse van de crisis die oplossingen aanwijst in het voordeel van die groep.
  • Identificeer potentiële tegen­standers en bedenk hoe je het voor hen onvermijdelijk maakt om toch jouw plan te steunen.

De neoliberale revolutie

Na de Tweede Wereldoorlog wordt de New Deal-visie op de samenleving gemeengoed in de West-Europese landen. Anders dan in de Verenigde Staten ging dit gepaard met een forse uitbouw van de verzorgingsstaat, ter legitimering van het kapitalisme. Het was de tijd van de sociaaldemocratische consensus, waarin zelfs de VVD zich (gedwongen) committeerde aan de opbouw van de verzorgingsstaat.

Het was in deze tijd dat neoliberale denkers en economen het gedachtegoed van het neoliberalisme uitwerkten. Milton Friedman schreef in een voorwoord van Kapitalisme en Vrijheid over hun mogelijkheden in het toenmalige tijdsgewricht:

‘Alleen een crisis – werkelijk of zo ervaren – produceert echte verandering. Zodra die crisis plaatsvindt, hangt de handelwijze af van de ideeën die voorhanden zijn. Dat, zo geloof ik, is onze basale functie: alternatieven ontwikkelen voor bestaand beleid, om deze levend en beschikbaar te houden tot het moment dat het politiek onmogelijke het politiek onvermijdelijke wordt.’

Oftewel: Friedmans geestverwanten werkten aan filosofie, beleidsplannen en strategie in de tijd waarin er voor hen geen deurtje openstond. Ze bereidden zich voor op het moment dat het slot in crisistijd zwak genoeg zou zijn om de deur open te kunnen rammen. De jaren zeventig vormden zo’n moment. Stuart Hall beschrijft in zijn artikel The Neoliberal Revolution dat de crisis van de late jaren zestig, zeventig de kans voor het neolibe­ralisme bood, en “de Thatcher- en Reagan-regimes grepen die met beide handen aan.” Ze hadden hun huiswerk gedaan en wisten wat hen te doen stond.

We kijken naar Margaret Thatcher in Groot-Brittannië. Volgens de filosofe Chantal Mouffe was haar strategie populistisch. Ze analyseert in For a Left Populism dat deze bestond uit een politieke tegenstelling. Thatcher formuleerde aan de ene kant “de macht van het establishment, geïdentificeerd met onderdrukkende staatsbureaucraten, de vakbonden en ontvangers van sociale uitkeringen.” Aan de andere kant formuleerde ze de “hardwerkende mensen die het slachtoffer waren van de bureaucratische krachten en hun bondgenoten.” Thatcher koos als haar belangrijkste tegenstander de vakbonden, wier macht ze besloot te vernietigen. Thatcher identificeerde als haar machtigste tegenstander de National Union of Mineworkers, die ze omdoopte tot de ‘the enemy within’. Ze besloot het bastion van de bond te vernietigen door de mijnen te sluiten. Ze had zich voorbereid op de tegenstand die volgde. De mijnwerkers begonnen in 1984 met hun staking. Thatcher had echter kolenvoorraden aan laten leggen, zodat de energievoorziening niet in gevaar kwam. De stakers hielden het een jaar vol. Het werd een ware veldslag tussen mijnwerkers en de politie. Tot de mijnwerkers het onderspit dolven.

Onder andere door Thatchers overwinning op de mijnwerkers­vakbond daalde het aantal stakingen in de rijke geïndustrialiseerde landen gigantisch. In deze symbolische strijd hadden niet alleen de mijnwerkers verloren, maar de gehele arbeids­beweging.

Terwijl dit gebeurde stond Labour met de mond vol tanden. Volgens Chantal Mouffe was Labour ervan overtuigd dat de effecten van het neoliberalisme de sociaaldemocraten vanzelf weer aan de macht zouden brengen. Gedacht werd dat met name door de groeiende werkloosheid en verslechterende omstandigheden van werknemers het neoliberalisme zichzelf van de macht zou beroven. Maar het duurde nog tot 1997 voordat Labour weer aan de macht kwam – en dat met een verkiezingsprogramma waar Thatcher trots op was.

Terwijl Labour wachtte tot neolibe­ralisme zichzelf vernietigde, had Thatcher goed door welke mensen ze moest overtuigen. De redelijk verdienende harde werkers, die voorheen Labour stemden. Ze had door wat zij belangrijk vonden en waar zij onvrede over hadden. Volgens Mouffe hing Thatchers succesvolle implementatie van neoliberaal beleid af van haar vermogen om garen te spinnen bij de algemene weerzin tegen “de collec­tivistische en bureaucratische wijze” waarop de verzorgingsstaat was opgebouwd. Op deze algemene onvrede in de samenleving wist ze een nieuwe hegemonie te formuleren vanuit het neoliberalisme.

Mouffe analyseert dat Margaret Thatcher in haar strijd tegen de sociaaldemocratische hegemonie schaakte op drie borden: de economie, politiek en ideologie. Ze deed dit om te herdefiniëren wat als ‘gezond verstand’ werd gezien. Zo bestreed ze de sociaaldemocratische waarden in de gangbare opvattingen van toen. Ze herdefinieerde bijvoorbeeld vrijheid als de individuele vrijheid van dwang door anderen, in plaats van de vrijheid om te kunnen doen wat je wilt doen. Ook democratie werd geherdefinieerd, door het ondergeschikt te maken aan individuele vrijheid en gelijkheid erin weg te laten. Friedrich Hayek, een van Thatchers inspiratiebronnen, ging aan het einde van zijn leven zelfs zo ver om te stellen dat democratie maar moest worden opgeheven.

Aan de hand van reële onvrede over de bureaucratische verzorgingsstaat, wist ze de onbewuste aannames van de bevolking over de staat te kantelen. Waar voorheen de staat als een potentiële bondgenoot gebruikt kon worden om welvaart te delen en vrijheid te vergroten, is de staat bij Thatcher “niet meer onderdeel van de oplossing”, schrijft Blyth: “De staat is het probleem.” Een ander voorbeeld daarvan is de ideologische wending over inflatie. Thatcher wist inflatie voor het publiek te definiëren als het grote kwaad, door het te associëren met hyperinflatie zoals in Duitsland in de jaren twintig. Terwijl een zekere mate van inflatie een impliciete belasting op kapitaal is. Het kost schuldeisers geld en het scheelt schuldenaars geld. Het laag houden van de inflatie is ook niet zonder prijs. Het kost werkloosheid en verlies van reëel inkomen.

In 1979 trad Margaret Thatcher aan en ze trad af in 1990. Intussen had ze Groot-Brittannië radicaal veranderd.

Lessen

  • Er is geen politiek mogelijk zonder tegenstander. Formuleer de tegenstelling tussen de groep die je mobiliseert en de tegenstander, gebaseerd op reëel ervaren onvrede/­verlangens. Zoals Thatcher bewees hoeft een tegenstander niet per se een politieke partij te zijn. Dit is overigens wat neoliberaal geworden sociaal­democratische partijen niet kunnen. Zij geloven namelijk dat met democratie consensus moet worden bereikt.
  • Identificeer de sterkste tegenstander en versla die. Zorg ervoor dat de minder sterke tegenstanders die overblijven jouw agenda uitvoeren.
  • De strijd is economisch, politiek en ideologisch tegelijkertijd.
  • Bereid je voor op de macht om de hegemonie te herformuleren. Herdefinieer cruciale ideolo­gische aannames. Anders blijf je binnen de mogelijkheden van de oude ideologie.

2008: een gemiste kans?

Met de Grote Financiële Crisis was er een economische crisis, die ook een politieke en ideologische crisis veroorzaakte. Politiek, omdat de crisis een strijdtoneel werd. Denk alleen al aan de eurocrisis die erop volgde. En ideologisch, omdat bestaande algemene opvattingen onjuist bleken. De markt gaat niet altijd naar een evenwicht toe, de groei van de economie zorgt niet voor een grotere welvaart voor iedereen en je kunt niet alleen verantwoordelijk worden gehouden voor je succes of falen.

De scheuren die destijds in de neoliberale hegemonie ontstonden hebben ongetwijfeld bijgedragen aan een aantal progressieve gebeurtenissen. Zoals de opkomst van Bernie Sanders in de VS, de groei van Democratic Socialists of America, Jeremy Corbyn in het VK, Podemos in Spanje en Syriza in Griekenland. Maar meer dan tien jaar na de crisis moeten we concluderen dat het neoliberalisme nog niet ten einde is gekomen. Misschien wel omdat er niks voor in de plaats werd gezet. Tien jaar na de tweede oliecrisis van 1979 had Margaret Thatcher daarentegen Groot-Brittannië al volledig naar haar hand gezet.

Illustratief is het belangrijkste politieke document dat de SP vlak na het begin van de crisis publiceerde: De Lessen uit de Kredietcrisis. Daarmee was de partij de eerste die een alternatief antwoord op de crisis probeerde te formuleren. Wat anno 2019 opvalt is dat er vooral goede maatregelen in staan om de financiële sector in te perken en een vergelijkbare crisis te voorkomen, maar dat er geen poging werd gedaan om het neoliberalisme te vervangen door socialisme. Als we het document langs de belangrijkste lessen leggen die ik in dit artikel heb getrokken, dan vallen een paar dingen op.

We beginnen met de les van Margaret Thatcher dat er geen politiek mogelijk is zonder tegenstander. Het valt op dat er geen tegenstelling wordt geformuleerd tussen de groep waar de SP voor opkomt en de mensen die de crisis veroorzaakt hebben. Dat brengt ons bij de les dat je scherp moet hebben voor welke groep mensen je opkomt en wat de tegenstelling met de tegenstander is. Wie zijn eigenlijk de mensen van wie de levens door de SP verbeterd moeten worden? Het wordt in De Lessen uit de Kredietcrisis niet geformuleerd.

Dan pakken we een les van Roosevelt uit zijn New Deal-project erbij. De crisis moet zo geanalyseerd worden dat die een oplossing aanwijst die de levens van deze mensen verbetert. De crisis wordt kort gezegd in De Lessen uit de Kredietcrisis geanalyseerd als een voortvloeisel uit een doorgedraafde financialisering van het kapitalisme. De oplossing die daaruit volgt is het inperken van de financiële sector, zoals in de publicatie ook wordt voorgesteld. Maar dat is geen verbetering in het leven van de mensen voor wie de SP opkomt. Integendeel. In de tegenbegroting van 2009 pleitte de SP voor het weer 'op orde brengen van het huishoudboekje', alleen wat minder snel, door vooral op bureaucratie in de publieke sector te bezui­nigen en door de rijksten meer te laten bijdragen. In de hoop dat de economie ondertussen weer gaat groeien, zodat de staatsschuld weer binnen de regels van de EU valt. Het is een verschil met de start van de New Deal. Die begon met de analyse dat de economie in het slop zat, omdat medewerkers te weinig loon kregen om de spullen te kopen. De oplossing is dan om de lonen te verhogen.

Tot slot valt op dat de voorstellen in ‘De Lessen uit de Kredietcrisis’ alleen op de economie betrekking hebben. Van Thatcher kunnen we echter leren dat de vestiging van een andere hegemonie een kwestie van economie, politiek en ideologie is. Politiek door de macht van de doelgroep te vergroten. In het geval van de SP bijvoorbeeld door de vakbond te versterken. En ideologisch door gevestigde waarden zoals vrijheid en gelijkheid te herdefiniëren. Voor de SP uiteraard vanuit het socialistisch perspectief. Verander je cruciale ideologische aannames niet, dan blijf je binnen de mogelijkheden van de oude ideologie.

Bovenstaande lessen zijn goed toe te passen op de kwestie van loonmatiging. Dan krijg je ongeveer dit verhaal: ‘Als gewone mensen niet genoeg geld hebben, kunnen ze de dingen waar hun leven beter van wordt niet kopen. Ook kunnen ze dan de nieuwe technologieën niet gebruiken die nodig zijn vanwege klimaatverandering, denk aan elektrische auto’s. Van winsten wordt niks gekocht wat de economie doet groeien, van lonen wel. Daarom moet de overheid de enorme economische vrijheid van grote bedrijven beperken, om de vrijheid en gelijkheid voor ons allen te bevorderen. Daar hoort niet alleen het verhogen van minimumloon bij, maar ook het versterken van de macht van medewerkers. Door ze macht te geven in bedrijven, met een gouden aandeel, door de vakbond sterker te maken en door volledige werkgelegenheid na te streven.’

De SP is opgericht om de wereld te veranderen. De missie is nu om het neoliberalisme te verslaan en socialisme te vestigen. Zodat vrijheid, gelijkheid en broederschap geen papieren rechten blijven, maar voor iedereen werkelijkheid worden. Tot die mogelijkheid er is, moet de SP haar strategie verbeteren, alter­natieven uitwerken en een coalitie met macht vormen die de spierkracht heeft om dit allemaal werkelijkheid te maken. Alles om klaar te zijn voor het moment dat, zoals Milton Friedman zo mooi schrijft, “het politiek onmogelijke het politiek onvermijdelijke wordt.”

 


VEILIG SPORTEN OP RUBBERGRANULAATKORRELS?

Het sporten op kunstgras met rubberkorrels is veilig, het sporten op de Lingewaardse kunstgrasvelden kan zoals gebruikelijk worden voortgezet aldus het college van Lingewaard. Het college laat zich daarbij leiden door uitspraken van het RIVM die de rubbergranulaatkorrels onderzocht heeft. Is het wel zo verstandig om blind te varen op het oordeel van het RIVM? 

Feit is dat de voor rubbergranulaatkorrels gehanteerde norm niet de meest veilige norm betreft. Toen de overheid het voornemen had om de korrels, geproduceerd uit oude autobanden, onder de juiste norm, de consumentennorm, te laten vallen, greep de bandenbranche, vanwege financiële belangen, met succes in. Door de succesvolle lobby van de bandenbranche werden verschillende normen wettelijk vastgelegd die vele malen minder streng zijn dan de consumentennorm. De concentratie ziekmakende stoffen in de korrels is veel groter dan volgens de consumentennorm is toegestaan.

Els van Schie van het RIVM geeft toe dat er kankerverwekkende stoffen vrij komen bij het spelen op de korrels, maar acht het risico daarvan als praktisch verwaarloosbaar. Dat de, bij het onderzoek, betrokken wetenschappers het niet met elkaar eens zijn over de getrokken conclusies uit de onderzoeksresultaten wordt niet over gesproken.

Op basis van de, door de bandenbranche gewenste, industrienormen stelt het RIVM dat men veilig kan sporten op de rubbergranulaatkorrels. Had het RIVM de consumentennorm voor rubbergranulaat moeten aanhouden, zoals bij rubbergranulaattegels wel het geval is, dan was het ‘sein rood’ afgegeven.

Ook meldt het RIVM dat uit de beschikbare wetenschappelijke informatie blijkt dat er geen direct verband te leggen is tussen het sporten op kunstgras met rubbergranulaatkorrels en het ontstaan van leukemie en lymfeklierkanker. Blootstelling aan kankerverwekkende stoffen leidt echter pas vaak tientallen jaren later tot kanker. De omstreden velden zijn nog niet zo lang in gebruik. Het is momenteel dus niet uit te sluiten dat het sporten op de omstreden korrels tot ziekte kan leiden.

Het college van Lingewaard weet dit ook, maar volgt toch het ‘sein groen’ van de RIVM. Dat voorkomt immers een noodgedwongen gemeentelijke investering op de korte termijn. En biedt het de mogelijkheid om aansprakelijkheid te ontlopen mocht het sporten op de omstreden korrels, op de lange termijn, toch tot zieke inwoners gaan leiden.

In veel andere gemeenten worden de omstreden korrels wel in de ban gedaan. Daar willen ze geen risico’s nemen met de sporters, waaronder veel kinderen. Het voorkomt ook dat de sporters en ouders voor een lastig dilemma geplaats worden. Zij geven, door het zekere voor het onzekere te nemen, het goede voorbeeld aan de gemeente Lingewaard. Hopelijk doet goed voorbeeld alsnog goed volgen.

Brian Claassen, raadslid SP Lingewaard


Algemene Beschouwing Begroting 2017

Tevredenheid en zorgen. Deze twee woorden beschrijven de gevoelens bij de SP fractie.

Wij zijn tevreden over de behaalde SP resultaten in deze raadsperiode tot nu toe.  Wij maken ons zorgen over de recente koerswijziging van het college en de gezondheid van onze sporters.

Wat de SP deugd doet, is dat Lingewaard vergeleken met voorgaande jaren een stuk socialer is geworden.

Tijdens de vorige periode werd, tot afgrijzen van de SP, heftig bezuinigd op het sociaal domein zonder dat er een sociaal vangnet werd opgebouwd.

Dat vangnet hebben we tijdens deze periode kunnen optuigen.

Denk daarbij aan de MPA die in de vorm van een meedoen regeling voor de minima is terug gekomen.

Denk aan de in aanmerkingsnorm van deze ‘Mee doen regeling’ die we van 110% naar 120% van de bijstandsnorm hebben kunnen verhogen.

Of aan de eigen bijdrage voor de WMO voorzieningen die opgenomen is in een collectieve zorgverzekering bedoeld voor de minima.

Daarnaast hebben we het voor elkaar gekregen dat de WMO gebruikers een tegemoetkoming in de meerkosten WMO krijgen.

Ook zijn we blij voor de huishoudelijke hulpen die hun baan konden behouden omdat het geld op de Haagse planken bedoeld voor huishoudelijke hulp alsnog op tijd opgehaald werd.

En zijn we tevreden over de goede samenwerking van de SP met wethouder Sluiter, de WMO ambtenaren en de directeur van de RSR die tot een flinke reductie van het aantal problemen op het gebied van de verstrekking en service van rolstoelen en scootmobielen heeft geleid.

En gelukkig heeft het college, na inzet van de SP, besloten om afscheid te nemen van het commercieel integratiebedrijf Workfast dat er handelswijze op na hield dat niet bij een sociale gemeente hoort. 

Lingewaard is een stuk socialer geworden, de inzet van de SP is gelukkig voor onze inwoners niet voor niks geweest.

En dat is niet alleen de verdienste van de SP maar ook van wethouder Sluiter die de signalen vanuit de samenleving, die de SP opving en in de raad bracht op de juiste waarde is gaan schatten. Heel goed, heel verstandig… hou dat vast wethouder!

Voorzitter, de SP vindt het fijn voor de ouderen van Sancta dat zij in vertrouwde omgeving dicht bij familie, vrienden en kennissen kunnen blijven omdat het Stadhues ingericht wordt voor de tijdelijke opvang. 

En zijn wij tevreden over de nieuwbouw in de van Kleefstraat, op het van Kleefplein en in de van Gelrestraat te Huissen. Het zou mooi zijn als dit spoedig een gevolg krijgt met betrekking tot de overgeblevene verouderde hoogbouw in de van Gelrestraat en Laurentiusstraat .

Ronduit enthousiast is de SP over het project Burchtgraafstraat te Gendt dat nu een prachtige en duurzame woonruimte biedt voor meer mensen met een smallere beurs.

Hartstikke fijn en ook in Bemmel staan mooie plannen op stapel. Daarbij denk ik aan de Klappenburg en de bouw van een woon/zorg complex op het terrein van de voormalige brandweer kazerne.

Voorzitter, de portefeuillehouder reageerde positief op het SP pleidooi voor realisatie van rolstoelwoningen in of bij het zorg/wooncomplex aangezien daar een tekort van is in Lingewaard en zei toe dat hij zich bij Waardwonen hard zal maken voor realisatie van deze woningen. 

Ook heeft het college het SP voorstel omtrent het drukken van de huurprijsstijging en het SP voorstel  omtrent bijbouw van tenminste 90 sociale huurwoningen omarmd. 

Van de portefeuillehouder verneemt de SP fractie straks graag of onze inzet die ook de zijne is geworden is tot een succes heeft geleidt.

Voorzitter, de inzet van de SP heeft de afgelopen jaren direct en indirect goed bijgedragen aan het realiseren van een socialer Lingewaard en dat was en is toch onze prioriteit.

Behaalde resultaten bieden echter geen garanties voor de toekomst en er liggen alweer nieuwe gevaren op de loer.

Wat ons zorgen maakt is dat we veel minder geld vanuit het Rijk gaan krijgen voor het sociaal domein. In de september circulaire zien we immers dat Lingewaard bijna 6 ton structureel minder gaat krijgen voor de WMO, Jeugdzorg en de Participatie Wet.

Let wel beste raadsleden , we praten hier over 6 ton structureel geld dat niet in deze begroting is verwerkt.

Het verkrijgen van de Klijnsma gelden loopt tot en met 2018. Of dit gevolg krijgt zal aan het nieuwe kabinet liggen. Het is dus mogelijk dat dit tot een korting van jaarlijks 131.000 euro leidt.  

Ook is berekend dat Lingewaard een tekort van ruim een ton op de huishoudelijke hulp tegemoet kan gaan zien, zo is te lezen in de eerste tussentijdse rapportage.

En sinds gister weten we dat verschillende Jeugdzorg organisaties zoals de William Schrikkergroep en de Jeugdzorgafdeling van het Leger des Heils hebben aangegeven dat zij afhaken bij de aanbesteding omdat de regio waar toe Lingewaard behoort een aanbesteding bestek heeft uitgezet dat volgens de betreffende organisaties 3% lager ligt dan het landelijk gemiddelde.

Deze belangrijke organisaties zijn ook voorgaande jaren met forse bezuinigingen geconfronteerd. Waar gaat dit toe leiden? Tot nog grotere problemen bij de Jeugdzorg of toch tot meer uitgaven voor de gemeenten? We weten het niet maar wat we wel weten is dat het elastiekje op springen staat.

Voorzitter, van de portefeuillehouder verneemt de SP graag een reactie op het bericht dat de net genoemde Jeugdzorg organisaties zich hebben terug getrokken uit de aanbestedingsprocedure. 

Hoe gaat de portefeuillehouder de continuïteit van de zorg van de 13 gezinnen en 5 jongeren uit Lingewaard die op dit moment de zorg krijgen via de William Schrikkergroep die werkt met mensen met een verstandelijke beperking en van de inwoners die hulp krijgen via het Leger des Heils garanderen ?

En beseft de portefeuillehouder de gevolgen voor deze kwetsbare mensen wanneer zij hun vaste en vertrouwde hulpverlener kwijt gaan raken door de bezuinigingen?

Voorzitter, Lingewaard wordt de komende jaren flink gekort en er staan tal van problemen voor de deur en heeft dus alle reden om heel zorgvuldig om te gaan met de financiële middelen bedoeld voor de WMO en Jeugdzorg. 

De plannen om zorggeld uit te geven aan zaken die vanuit de portefeuilles Duurzaamheid, Cultuur en Sport betaald behoren te worden keurt de SP dan ook af. 

Investeren in Duurzaamheid, Cultuur en Sport graag maar dat wel uit de potten die daarvoor in het leven geroepen zijn of vanuit het overschot op de totale begroting dat de komende jaren van 6 ton oploopt naar 2 miljoen euro.  

Op dat laatste zit dus ruim voldoende ruimte om de Biebservice punten , kosten 50.000 euro, te vestigen in de kleine kernen, dus zien wij geen enkele goede reden om dit te financieren vanuit de pot voor WMO/ Jeugdzorg.

Vandaar dat de PvdA straks mede namens de SP het amendement ‘ Geld voor servicepunten Bibliotheek’  indient. De hoofdindiener, de heer van den Bos, zal daar, wanneer hij aan de beurt is, verder op ingaan. 

Voorzitter, ondanks de grote kortingen op het sociaal domein en problemen op de Jeugdzorg sorteert het college toch voor op het uitputten van de opgebouwde Zorgreserves voor allerlei zaken die de nulde of eerste lijn Zorg niet versterken. Dat soort beleid kan en zal de SP niet steunen.

De SP zal daar in december uitvoerig op de terug komen, inclusief voorstellen aan de raad, tijdens de behandeling van het beleidsplan sociaal domein.

Voorzitter, ook heeft de SP een broertje dood aan leegstand van panden die staan te verpauperen aangezien dit de leefbaarheid in de omgeving daarvan aantast. Daar hebben we er ook in Lingewaard er een paar van. De meest bekende bouwvallen waar velen zich kapot aan ergeren staan op het Mariaplein in Haalderen en aan de Loostraat.

Wij waren dan ook verheugt te lezen dat het college een oplossing denkt te hebben gevonden door een zogeheten excessenregeling op te nemen in de Welstandsnota.

De Welstandsnota wordt niet eerder dan eind 2017 voor besluitvorming aan de raad aangeboden zo laat het college weten.  Wat de SP betreft wordt de Nota naar voren gehaald zodat de gemeente eerder aan de slag kan met de aanpak van verpaupering door leegstaande panden. 

En ter afsluiting van de SP bijdrage gaan we van verpauperde panden naar verpauperde autobanden. In stukjes versneden oude autobanden op onze sportvelden wel te verstaan.

Dit omdat in de begroting te lezen is dat het college het voornemen heeft om te investeren in sportvelden waarbij de rubbergranulaat versie niet uitgesloten wordt. Dat laatste baart ons zorgen, ik zal u uitleggen waarom.  

Voorzitter, het was de voormalige baas van de Britse volksgezondheidsdienst die als eerste de aandacht vestigde op de mogelijke gevaren van het sporten op rubbergranulaat korrels. Zijn zoon, een talentvolle keeper dat veel sportte op rubbergranulaat, lijdt aan lymfklierkanker.

In de Verenigde Staten voert een prominente Amerikaanse ex-voetbalster al jaren strijd tegen gebruik van rubberkorrels op kunstgrasvelden. Zij legde een lijst aan met de namen van 200 kankerpatiënten bij wie een verband wordt gelegd met het spelen op rubbergranulaat.

In de uitzending van Zembla omtrent dit thema werd gemeld dat meer keepers dan veldspelers ernstig ziek zijn geworden. Opvliegende korrels die via de mond in het lichaam terecht komen lijkt het grootste gevaar.

Inmiddels raden ook Nederlandse wetenschappers af te spelen op dit soort velden omdat de risico’s nog niet voldoende in te schatten zijn. Er blijkt nooit goed onderzocht te zijn of en in welke mate er kankerverwekkende stoffen in het lichaam terechtkomen met alle mogelijke consequenties van dien.

Na aanleiding van de uitspraken van de wetenschappers wil de KNVB dat een gedegen onderzoek gedaan wordt en heeft hun eigen veld voor de zekerheid alvast voorzien van kurk, het alternatief voor rubbergranulaat.

De Europese Commissie is begin dit jaar een onderzoek gestart naar de gevolgen van rubberen producten, waaronder de rubberen korrels in kunstgrasvelden. De resultaten daarvan worden rond februari 2017 verwacht.

Na de uitzending van Zembla is de aanleg van 20 velden stilgelegd. De opdrachtgevers, vaak Gemeenten, maakten liever even een pas op de plaats omdat zij geen risico’s willen nemen met de gezondheid van de spelers.

Dit terwijl Lingewaards college aan de sportclubs meldt ‘voetbalt u maar rustig door’ op basis van een oud en zeer summier uitgevoerd en nu omstreden onderzoek en het Milieukeur. Het Milieukeur is gebaseerd op het Besluit en Regeling Bodemkwaliteit. De eisen voor gezondheidsrisico’s van rubbergranulaat zijn niet gebaseerd op een gezondheidsnorm maar op een milieunorm. Het zegt niks over de gezondheidseffecten die de korrels teweeg kunnen brengen als deze in het lichaam terecht zijn gekomen.

Alles overziend lijkt het de SP verstandig om het zekere voor het onzekere te nemen en in ieder geval niet te investeren in rubbergranulaat kunstgrasvelden totdat men kan vaststellen uit de resultaten van het onderzoek van de Europese Commissie dat er geen gezondheidsrisico’s vast zitten aan het bespelen van die velden. Daarvoor dient de SP de motie ‘ rubbergranulaat kunstgrasvelden’ in.

Uiteraard had de SP, in het belang van de gezondheid van onze sporters, ook graag gezien dat het college onze sportclubs had geadviseerd even geen gebruikt te maken van dit soort velden. Vandaar dat de SP het college via een motie verzoekt om de Sportclubs alsnog het advies te geven het zekere voor het onzekere te nemen. 

En ter afsluiting verzoek ik de voorzitter om het dictum van beide moties voor te lezen. Dank U. 

(Pv Fractievoorzitter SP Lingewaard Brian Claassen) 

 


 

Kom op Johan, sta op en strijd mee met de SP!

Is er een dokter in de zaal? Zo startte wethouder Johan Sluiter zijn column in het Gemeente Nieuws van vorige week. Aanleiding voor Johans column lijkt de aanhoudende inzet van de SP voor een Huisartsenpost (HAP) in Lingewaard naar aanleiding van een reeks aan ernstige incidenten door gebrek aan goed geregelde acute huisartsenzorg in de avond-, nacht- en weekenduren.

De ongebreidelde schaalvergroting. De weg van groot, groter, grootst is in een doodlopende. Zo ook in acute Huisartsenzorg. Steeds meer patiënten per arts en steeds grotere afstanden leidt tot steeds langere wachttijden zowel voor patiënten, wachtend op de post, als de patiënten die afhankelijk zijn van arts bezoek aan huis. Gevolg: uitgestelde zorg, ongemak, ergernis, patiënten die op de operatietafel belanden terwijl dit met acute zorgverlening voorkomen had kunnen worden of erger. Menselijk leed en uiteindelijk duurdere uitgestelde zorg dus. De hoogste tijd om het roer bij te stellen. Tenminste één arts voor Lingewaard beschikbaar in de avond-, nacht- en weekenduren is geen overbodige luxe maar noodzaak.

Johan lijkt zich niet zo druk te maken om doodzieke patiënten die de reis naar de HAP in Elden niet op eigen kracht of met behulp van anderen kunnen maken. Ach, dan komt de arts toch gewoon even langs, redeneert Johan, daarmee voorbijgaand aan het feit dat er in de huidige situatie maar 1 arts is die zowel Over-Betuwe, Arnhem-Zuid als Lingewaard moet bedienen. Een gebied met maar liefst 165.000 potentiële patiënten waar de arts zowel actief is op de Post als de huisbezoeken moet verrichten. De praktijk leert dat op een drukke avond patiënten uren moeten wachten en de dienstdoende arts vaak geen tijd overhoud om patienten thuis te bezoeken. 

‘Euh, nou ja, maar dankzij de overgang van de huisartsenpost van Elden naar Velp wordt het allemaal beter’ aldus Johan. Er zijn dan twee artsen die op huisbezoek gaan. Klinkt mooi ware het niet dat het te bedienen gebied en het aantal potentiële patiënten ook bijna driemaal zo groot wordt. Het aantal patiënten per arts blijft gewoon het zelfde, de af te leggen afstanden vaak zelfs groter. 

‘Maar als gemeente hebben wij helemaal niks met huisartsenzorg te maken, dat moeten de huisartsen zelf allemaal regelen’ aldus Johan.

De uitvoering ligt natuurlijk bij de artsen, echter die artsen behoren uiteraard ook betaald te worden. De financiering moet van de zorgverzekeraars komen.

De gemeente heeft echter een zorgplicht en als de zorg niet garandeert is zou het college in actie moeten komen. Johan zou samen met de andere regio wethouders of via de VNG bij de zorgverzekeraars op verbetering aan kunnen dringen. In plaats van energie steken in betere zorg, steekt Johan zijn tijd en energie in het bagatelliseren van het probleem. 

Gemeente Lingewaard heeft 46.000 inwoners, net onder de te ver opgerekte richtlijn van 50.000 voor een HAP maar de incidenten en ongelukken liegen er niet om. Als een verschuiling achter de richtlijn de volgende stap wordt om zich niet in te zetten voor een HAP,  breng ik Johan graag in contact met nabestaanden van patiënten die vanwege te lange wachttijden helaas niet meer onder ons zijn. Verbetering van de acute huisartsenzorg  is gewoon noodzakelijk, schaalverkleining het instrument. En natuurlijk kost dit de zorgverzekeraars, die elk jaar weer een winst maken van ruim een miljard euro, wat geld maar het voorkomt ook kosten die ontstaan door te laat ingrijpen. En laten we vooral niet vergeten dat de mensen hun premie betalen voor goede en bereikbare zorg en niet met de bedoeling om de zorgverzekeraars alsmaar rijker te maken.

Johan kiest voor de gemakkelijke weg en denkt teveel in onmogelijkheden ipv kansen. In plaats van knokken voor goede zorg voor de inwoners ligt Johan bij voorbaat al op de rug voor de zorgverzekeraars.

Als persoon mag ik Johan wel, het is een aardige man maar dat hij liever zijn tijd en energie steekt in bagatelliseren van problemen ipv het oplossen daarvan, valt me tegen. Wat ik graag zou zien is dat Johan een echte knokker wordt die kennis van zaken combineert met lef en daadkracht. Een zorg wethouder die al zijn tijd en energie inzet voor het welzijn van de inwoners van Lingewaard. Daar wordt hij immers ook rijkelijk voor betaald door de inwoners van Lingewaard. Een wethouder die louter zorg afbraak beleid gaat managen en serieuze problemen bagatelliseert in plaats van trachten op te lossen kan, in het belang van de inwoners, beter iets anders gaan doen. Dus Johan kom op, sta op en strijd niet langer tegen maar met de SP!

 

 

 

 Brian Claassen , Raadslid SP  Lingewaard,  16 maart 2015

 

 


 

Nu doet u het wéér, meneer Samsom

PvdA zegt het één maar doet het ander

Je kunt de dingen voortaan anders doen, of hetzelfde laten. Je kunt een ander beleid kiezen, of het bestaande beleid verdedigen. Maar Diederik Samsom wil allebei. Tegelijk. Hij wil kiezers winnen met linkse beloften, om de groeiende tegenstellingen te verkleinen (in de Volkskrant van zaterdag noemde hij die verschillen ‘onwrikbaar’). Maar na de verkiezingen wil de PvdA gewoon doorregeren met de VVD. Ik geef het Samsom te doen: mensen overtuigen dat het helemaal anders moet, door voort te gaan met het huidige beleid. Dan zit je wel in een flinke spagaat.

Wel in de krant …

In de krant, op tv, overal zegt Samsom zich zorgen te maken over de toenemende tweedeling. Tussen mensen met een groot en een klein inkomen en mensen met een hoge en een lage opleiding. Die zorgen deel ik van harte. In ons land groeien meer dan 400.000 kinderen op in armoede, maar zijn er ook meer miljonairs dan ooit. De rijkste tien procent bezit twee-derde van al het vermogen (CBS). Tussen 2013-2015 zal de koopkracht van de armste 35 procent gelijk blijven of dalen, de tien procent rijksten gaat vooruit (Macro-economische Verkenningen).

… maar niet in de Kamer

Mensen met een klein vermogen (spaarders) betalen nu relatief meer vermogensbelasting dan mensen met een groot vermogen (beleggers). De Tweede Kamer stemde dinsdag over een SP-voorstel om hoge vermogens wat meer te belasten, zoals Samsom zondag zelf voorstelde in het tv-programma Buitenhof. De PvdA stemde echter tegen. Natuurlijk, als je in een coalitie zit, kun je niet voortdurend meestemmen met de oppositie. Maar vertel dan wel het eerlijke verhaal. Doe dan geen beloften in de media waarvan je weet dat je die niet zult waarmaken.

Nu doet u het weer, meneer Samsom

Het is bepaald niet de eerste keer dat de PvdA vóór de verkiezingen kiest voor een linkse campagne, om vervolgens een heel ander beleid te gaan voeren. Dat was ook al het geval onder Wim Kok en Wouter Bos. Maar deze keer is de strategie wel bijzonder ongeloofwaardig, omdat PvdA en VVD het huidige regeringsbeleid tot inzet hebben gemaakt van de verkiezingen. Verdedig gewoon het beleid dat je zelf hebt opgesteld. Samsom heeft zichzelf in een spagaat gebracht. En iedereen weet: in een spagaat is het moeilijk bewegen.

Ronald van Raak (SP)  


 

IJskoud

 

 Terwijl de feestvierders in Gendt  afgelopen week te kampen hadden met  nat herfstweer en dus van een koude  kermis thuiskwamen, ging een aantal    Lingewaarders vrijwillig nat door de  icebucketchallenge-uitdaging aan te  gaan en dus voor het goede doel  een emmer ijskoud water over hun hoofd leeg te gooien.

 

Deze wereldwijde hype lijkt nu dus ook Lingewaard in zijn greep te krijgen. Word je genomineerd dan moet je binnen 24 uur geld doneren voor onderzoek naar de ziekte ALS en een emmer ijswater over je hoofd leeggieten, waarbij je drie andere mensen nomineert om hetzelfde te doen.

Hoe langer ik erover nadenk hoe onzinniger het allemaal lijkt.

Ik heb de twijfelachtige eer om in de zorg werkzaam te zijn. De thuiszorg. Toen mijn oma zover was dat mijn ouders niet meer voor haar konden zorgen, ze woonde namelijk geheel volgens de toekomstwensen van dit kabinet bij mijn ouders in huis, kwamen de medewerkers van de thuiszorg haar wassen en aankleden. Door van dichtbij mee te maken hoe mooi en dankbaar dit werk was, heb ik destijds de keuze gemaakt om me te laten omscholen en om van “zorgen voor anderen” mijn beroep te maken.

Toen ik destijds in het verzorgingstehuis werkte, het oude Liduina in Bemmel, verbaasde ik me over het feit dat er mensen woonden die eigenlijk nog helemaal zelfstandig waren. Ze hadden destijds puur op basis van hun leeftijd een kamer gekregen daar. Ze waren immers 65 geweest. Dat kon toen allemaal.

Kort daarna werd het nieuwe Liduina gebouwd met een verpleegafdeling en maakte ik mijn overstap naar de thuiszorg. Eerst in Bemmel en later in Gendt en Doornenburg. We hadden wekelijks een vergadering om de dingen te bespreken waar we tegenaan liepen en om de zorgrijtjes goed aansluitend te maken. Iedere week zaten we bij elkaar om de zorg perfect te regelen soms wel twee uur lang, betaald. Dat kon toen allemaal.

Kwam er een cliënt in het ziekenhuis te liggen, dan kon het maar zo zijn dat hij of zij een week of wat weg was. Pas als iemand zich weer helemaal kiplekker voelde mocht hij of zij naar huis, eerder niet. Dat kon toen allemaal.

Was er iemand die meer zorg nodig had vanwege achteruitgang of een complicatie dan werd dat aangevraagd en bijna altijd zonder poespas toegekend. Dat kon toen allemaal.

Nu zo’n twintig jaar later staat de zorg op het punt van instorten. De verantwoordelijkheid van de zorg komt bij de gemeenten te liggen. Mensen moeten thuis blijven wonen zolang het maar kan en zich zien te redden met behulp van de zorg van vrijwilligers, mantelzorgers, mensen die er niet voor gekozen hebben een thuiszorger te worden en er al helemáál niet voor opgeleid zijn.

Degenen die wél opgeleid  zijn voor deze taken worden bij bosjes ontslagen omdat hun opleidingsniveau niet aan de huidige eisen voldoet?!!

Lingewaard heeft nu nog twee verzorg/verpleegtehuizen maar de vraag is: hoe lang nog?

Langzaam maar zeker zie ik alles om me heen instorten. De werkdruk wordt hoger en hoger, de verantwoordelijkheden meer en meer, het werkplezier en de voldoening minder en minder, de zakken van de rijken voller en voller en de neuzen van de politici die beterschap beloofden langer en langer.

IJskoud korten op zorg, mensen dwingen thuis te blijven wonen en vervolgens de thuiszorgorganisaties min of meer dwingen hun werknemers te ontslaan. Wat klopt er niet aan dit plaatje? En dan heb ik het nog niet eens gehad over de gevolgen van dit alles voor de jeugdzorg en alle andere vormen van zorg.

Kortom: de huidige coalitie in Lingewaard zal hier in ieder geval nog een hele kluif aan gaan krijgen en ik raad hen ook aan om wijselijk gebruik te maken van de expertise die er zeker is bij oppositiepartij SP, de zorgpartij pur sang en om deze kennis in hun beslissingen mee te nemen.

Ooit had ik een vrouw in zorg die het heel treffend kon zeggen. Ze zag een item op het journaal over onderzoek naar leven op Mars. Ze schudde haar hoofd en zei:  “Leven op Mars? Laat ze eerst maar eens zorgen dat er leven op aarde is”.

En dat vat alles in één zin samen. Waar iedereen zich druk maakt over zaken als zwarte Pieten, Jip en Janneke etc. kleurt de wereld van de zorg zwart en zijn de mensen waar het werkelijk om gaat op zichzelf aangewezen en moeten ze er zelf maar voor zorgen dat zij nog een leven hebben.

Dat brengt mij terug bij het icebucket-verhaal.

Want waarom een emmer ijskoud water over je hoofd leeggieten, als de regering er eigenhandig wel voor zorgt dat we uiteindelijk allemaal een koude douche krijgen. En doneren… Hó maar.

Geweldig onze “verzorgings”staat.

Joyce Derksen

Deze column was al eerder te lezen via lingewaard.nieuws.nl


 

Renske Leijten:

HOE GAAT HET MET ONZE OUDEREN?

Over vele jaren, wanneer ik zelf oud ben, hoop ik te leven in een solidair land. Een land waar jongeren voordeel hebben van de samenleving die door ouderen is opgebouwd en waar deze ouderen kunnen rekenen op de zorg die ze nodig hebben. En hoewel het op veel plekken goed gaat, ontneemt het kabinet op dit moment ouderen hun recht op zorg. Daarover maak ik me grote zorgen.

Onlangs liet Nieuwsuur zien hoe duizenden ouderen wachten op een plek in een verzorgings- of verpleeghuis. Hoogbejaarde mensen - soms dementerend - overlijden terwijl ze op een wachtlijst staan. Tegelijkertijd gaan verzorgingshuizen dicht of staan kamers in deze huizen leeg. Ik vind dat een grote schande.

Ik werd koud van de reactie van staatssecretaris Van Rijn (PvdA) die met verhullende beleidstaal suggereert dat mensen voor hun plezier op een wachtlijst staan. Alsof je een indicatie voor een zorginstelling zomaar krijgt! Dat is natuurlijk niet zo.

Van de politiek mag verwacht worden dat ze maatschappelijk problemen aanpakken. Dit kabinet doet het omgekeerde, het maakt problemen groter. Wat we moeten doen is nu regelen dat alle leegstaande kamers direct bewoonbaar worden gemaakt voor mensen die op de wachtlijst staan. We moeten stoppen met het sluiten van verzorgingshuizen, juist nu steeds meer mensen de geborgenheid van zo'n huis zoeken.

Vorig jaar heb ik aan huisartsen gevraagd of zij merkten dat ouderen langer thuis moeten blijven wonen. Dat was inderdaad zo en huisartsen lieten weten dat in 80% van de gevallen de thuiszorg niet op orde was of kon zijn.

Nu wil ik die vraag aan u stellen. Als u met deze situatie te maken hebt, of als u mensen kent die hiermee te maken hebben, wilt u mij dan helpen door een korte vragenlijst in te vullen? Hoe gaat het met onze ouderen? Krijgen zij de zorg die ze nodig hebben? Zijn de berichten van afgelopen week uitzondering of regel? Graag hoor ik uw verhaal.

Klik hier om de vragenlijst in te vullen.


 

DE SPRINKHANENPLAAG IN DE KINDEROPVANG

De kranten stonden er de afgelopen dagen vol van. De top van kinderopvangbedrijf Estro had zichzelf vlak voor het faillissement nog forse bonussen uitgekeerd. Vele boze reacties volgden. Hoe kunnen de managers zichzelf verrijken, terwijl veel werknemers hun baan verliezen? Het is een direct gevolg van hoe grote kinderopvangbedrijven zijn georganiseerd. Bedrijven waarin niet de leidsters de baas zijn, maar sprinkhaankapitalisten. Vernoemd naar de beestjes die ergens op springen, het kaal vreten en dan op zoek gaan naar een nieuwe prooi.

De afgelopen jaren is de kinderopvang steeds belangrijker geworden. Veel gezinnen zijn op de kinderopvang aangewezen. Daardoor is de sector snel gegroeid. In 2005 maakte de regering een grote fout door de kinderopvang te privatiseren. Buitenlandse investeerders grepen hun kans. Zij kochten kinderopvangbedrijven met maar één doel: zo veel mogelijk winst maken. De kwaliteit van de opvang werd ondergeschikt aan de economische belangen. Vandaag de dag zien we de misstanden die daaruit voortkomen.

Zoals bij Estro, waar 4000 kinderen van de ene op de andere dag hun plek in de opvang zijn kwijtgeraakt en 1000 werknemers op straat staan. De regering legt de bal bij de sector: zorg er zelf maar voor dat het weer goed komt. Wat mij betreft is het hoog tijd dat de politiek ingrijpt. Buitenlandse investeerders moeten een halt worden toegeroepen. Want als we onze kinderen een veilige en prettige omgeving willen bieden, dan moeten de kinderen zwaarder wegen dan de dollars. Daarom pleit de SP ervoor om de kinderopvang weer tot een publieke voorziening te maken. Zo houden we de sprinkhaankapitalisten buiten de deur en stellen we – eindelijk – het belang van het kind weer voorop.

Emile Roemer


 

HOEVEEL BENT U WAARD?

Hoeveel bent u waard? Deze vraag is de afgelopen tijd weer regelmatig gesteld. Hoeveel mag een medische ingreep kosten? Moet er een maximumbedrag komen voor behandelingen en hoe hoog moet dat bedrag dan zijn? Hier wordt al jaren over gesproken, maar niet eerder gaf een meerderheid van medisch specialisten aan vóór een zogenaamd prijsplafond te zijn.

Je kunt echter onmogelijk een prijskaartje aan een mens hangen, je begeeft je dan op een hellend vlak. Want, zou je dan volledigheidshalve niet moeten meenemen wat iemand de samenleving opbrengt? En hoe meet je dat dan? Ik gruwel van de economische benadering van wat een mens kost of oplevert. Het ontkent dat we een samenleving zijn en dat ook dure medicijnen via solidariteit op te brengen zijn. En let maar op, deze behandelingen zullen wel beschikbaar komen voor wie het zelf kan betalen.

Gesprekken over mogelijke behandelingen moeten daarom plaats blijven vinden tussen arts en patiënt. Waarbij niet de kosten, maar de kans op genezing of verlenging van een zinnig leven centraal moet staan. Daar ga ik als politicus niet over. Daarom verbaast het mij keer op keer als er wordt gezegd dat politici de discussie over de waarde van een mensenleven ‘niet durven voeren’. Ik kies ervoor om mij als volksvertegenwoordiger bescheiden op te stellen in deze discussie.

Waar in Den Haag wél over gesproken moet worden, is hoe we de solidariteit in ons zorgstelsel overeind kunnen houden. Daar heeft de SP recent weer een doorgerekend voorstel voor gedaan. En wat de dure medicijnen betreft, het wordt de hoogste tijd om de macht van de farmaceutische industrie aan te pakken. Ook daar heeft de SP keer op keer voorstellen voor gedaan. De tien grootste farmaciebedrijven maken namelijk jaarlijks tientallen miljarden euro’s winst. Ik kies er voor om daar iets aan te doen, in plaats van tegen mensen te zeggen: Helaas, u bent nu eenmaal te duur.

Emile Roemer


 

Vakantie

 

Als u dit leest geniet ik van mijn vakantie. Misschien leest u dit zelf wel op de camping (raad ik u niet aan) of bekijkt u dit stuk nog eens na terugkeer (veel beter). Of misschien behoort u bij de mensen, die zich helemaal geen vakantie kunnen veroorloven. Dan schrijf ik deze column vooral voor u. Hoe dan ook, vrijwel zeker heeft niemand het deze zomer meer over het rare idee dat VVD Kamerlid Sjoerd Potters had over vakantie voor mensen in de bijstand. Dat bent u vast al weer vergeten, want in de tussentijd is de aandacht natuurlijk al lang naar iets anders uitgegaan. Bij voorbeeld dat het een mooi WK toernooi was, aan het eind waarvan Duitsland toch weer won en Nederland heel mooi derde werd. Dus fris ik uw geheugen maar even op.

 Potters vond dat mensen die een bijstandsuitkering aanvragen pas een half jaar na de aanvraag op vakantie naar het buitenland mogen. En dan ook nog maximaal twee weken en alleen als ze braaf hun best hebben gedaan om een baan te vinden. Pas na een jaar en aantoonbare prestaties op de arbeidsmarkt mag een bijstandsgerechtigde vier weken op vakantie naar het buitenland. Potters snapt dus niet, dat je met een bijstandsuitkering vaak helemaal niet met vakantie kunt, omdat je dat gewoon niet kunt betalen.

 Het slaat natuurlijk nergens op. Wil de bijstandsgerechtigde die ooit van zijn uitkering vier weken naar een het buitenland op vakantie is geweest, zich melden? Ziet u het beeld? Je gaat langs de sociale dienst om bijstand aan te vragen en dan meteen even langs het reisbureau. Bijstand geregeld en nu lekker op vakantie. Gebakken lucht dus en volgens mij weet Sjoerd Potters dat zelf ook. Ik heb hem vaak gesproken en ik weet dat hij niet dom is.

 Waarom dan toch dat rare idee? Ik kan wel een paar beweegredenen bedenken. Misschien wilde hij, vlak voor het Kamerreces, nog even media-aandacht trekken. Gelukt, vooral dat even. Misschien wil hij Nederland nog eens duidelijk maken, dat het ‘genieten’ van een uitkering verplichtingen met zich meebrengt. En dat je dus niet moet denken dat je, als je niet werkt, toch zomaar op vakantie mag. Wat mij betreft faliekant mislukt, en ik denk ook wat u betreft. Misschien wilde hij toch nog eens proberen om mensen met een uitkering al weer negatief in beeld te brengen. Gelukt? Weet ik niet.

 Dit soort rare ideeën leidt tot niets, behalve misschien tot negatieve beeldvorming. En daar erger ik mij al jaren enorm aan. Mensen met een uitkering wegzetten als mensen die het best goed hebben en een luxe leventje leiden zonder zich daarvoor in het zweet te werken. De uitkering als voorrecht, waar anderen jaloers op zijn en waar de werkenden krom voor liggen. En dan dát beeld gebruiken om nog strengere regels te maken of om op uitkeringen te bezuinigen. En vooral de illusie wekken dat er door die nóg strengere regels steeds minder mensen afhankelijk zullen zijn van een uitkering. Terwijl dat laatste nog nooit duidelijk is geworden of met cijfers kon worden onderbouwd.

 Na het schrijven van deze column ga ik met vakantie. Ik hoop dat u dat deze zomer ook kunt doen en als dat zo is, wens ik u daar heel veel plezier bij. En ik wens Sjoerd Potters ook een heel mooie vakantie. Ik hoop dat hij goed uitrust, zodat hij na het zomerreces weer de energie heeft om eens een goed gesprek te voeren met een aantal mensen in de bijstand. Vakantieverhalen uitwisselen bij voorbeeld. Maar nog beter om deze mensen eens behoorlijk te leren kennen. Dan weet hij niet alleen over wat hij het heeft, maar ook over wie.

Gerrit van der Meer


 

EUROPESE VERKIEZINGEN, DE VOLGENDE RONDE

 

Als nieuwkomer binnenkomen met maar liefst 4 raadszetels, we hebben er de afgelopen jaren hard voor gewerkt. En in de campagne is er alles aan gedaan om mensen ervan te overtuigen dat de SP voor 100% sociaal gaat: we hebben ruim 18.000 verkiezings krantjes en 10.000 folders verspreid en bleven ondanks de campagne ons stevig inzetten voor het realiseren van een Huisartsenpost in Lingewaard en met het helpen van inwoners via onze hulpdienst. Helaas was Lokaal Belang Lingewaard niet gecharmeerd van ons sociale programma en werden we zonder dat er sprake is geweest van enige onderhandeling aan de kant gezet. Zij besloten in zee te gaan met partijen die liever investeren in bakstenen en asfalt in plaats van mensen.

De campagne en de eerste raadsvergadering zitten er inmiddels op. Intussen zijn we ook gestart met de landelijke actie tegen het sluiten van maar liefst 600 verzorgingshuizen. Dat sluiten gaat in combinatie met de enorme bezuinigingen op de thuiszorg en voorzieningen tot drama’s leiden. Het VVD/PvdA kabinet, gesteund door D66 en de Christelijke partijen, kijkt erbij weg. De poen zien zij liever anders besteed. Inmiddels is er alweer voor een half miljard cadeau gedaan aan de rijkere Nederlanders en neemt de roep om te investeren in meer wapentuig weer toe vanuit het VVD kamp. Tijd om even uit te rusten hebben we dus niet. Nu staan ook de Europese verkiezingen van 22 mei alweer voor de deur, ook daarvoor gaan wij de handen uit de mouwen steken. Aan ons de uitdaging om onze unieke positie goed voor het voetlicht te brengen: bent u voor een Europese superstaat, kiest u voor extreem rechts met een onrealistisch standpunt ‘weg met Europa, weg met de euro’ of kiest u voor de enige Europa-kritische partij die voor Europese samenwerking is maar tegen een Europese superstaat?

Wij hebben een overtuigend programma waarin we voorstellen om de Europese Commissie – de niet gekozen regering van de EU – politiek te onthoofden. Samenwerking in Europa kan prima in de Europese Raad waar regeringsleiders en ministers beleid op elkaar kunnen afstemmen. Maar wij – en verreweg de meeste Nederlanders – willen geen EU die over onze pensioenen en uitkeringen gaat, die bepaalt wie er wel en niet in aanmerking komen voor een sociale woningbouw of de vrije sector en die bepaalt dat onze regering de komst van bouwvakkers en beroepschauffeurs uit Oost-Europa niet mag reguleren.

Met uitzondering van de Christenunie zijn de gevestigde partijen eurofiel. D66 en GroenLinks komen daar openlijk voor uit, terwijl de gevestigde partijen VVD, PvdA, CDA zowel in Nederland als in Brussel en Straatsburg consequent voor de overdracht van bevoegdheden aan de EU stemmen maar zich in verkiezingstijd elke keer opnieuw reuze kritisch voordoen uit angst electoraal een pak voor hun broek te krijgen. Voor de vorm keffen in campagnetijd en vervolgens vijf jaar pootjes geven aan de lobbyisten en beleidsmakers in Brussel.

Tijdens de gemeenteraadscampagne waren de ach en wee-verhalen over de verwachte slechte opkomst niet van de lucht. Als partij van de straat hebben wij veel mensen gesproken die de politiek niet als een bondgenoot zien in hun strijd voor fatsoenlijk werk, een fatsoenlijk loon of uitkering, zorg die je nodig hebt of een huis voor jezelf of voor je kinderen. Dat heeft alles te maken met het rechtse beleid dat de afgelopen jaren – in veel gevallen met steun van de PvdA – gevoerd is. Partijen die de sociale werkvoorziening afbreken, van de woningbouwverenigingen bedrijven hebben gemaakt en in de zorg een eigen risico in hebben gevoerd waar mensen ’s nachts van wakker liggen, moeten niet klagen over het feit dat kiezers hun vertrouwen in de politiek verliezen.

Is de SP tegen? Ja, de SP is tegen deze EU. De SP is tegen omdat ze een bondgenoot is van al die mensen die ervan overtuigd zijn dat we beter af zijn als we de democratie dicht bij huis organiseren en als we kiezen voor het eerlijk delen van de lusten en de lasten in plaats van ruim baan te geven aan banken en multinationals die ons als burger niet zien staan en ons als wandelende portemonnees beschouwen. Wie in de EU voor 100% sociaal gaat, stemt tegen. Soms moet je breken voordat je gaat bouwen...


 

Door: Brian Claassen, bestuurslid SP Lingewaard

Honingzoete woorden brengen geen haver in de kast

 

Afbraakbeleid zet de meest kwetsbare mensen buitenspel.

Oktober vorig jaar stelde Groen Links wethouder Barth van Eeten in een column dat bezuinigen op de minima ook inkomenspolitiek is, dat de minima echt niks meer kunnen inleveren en recht hebben op solidariteit. ‘Iedereen doet mee en iedereen doet ertoe’, ‘samen met anderen onderdeel zijn van de samenleving is erg belangrijk ‘en ‘samen bouwen we aan een zorgzaam Lingewaard ‘aldus van Eeten. Heel veel mooie woorden maar een jaar later blijkt dezelfde wethouder de regisseur te zijn van vele maatregelen waardoor de meest kwetsbare burgers in zowel sociaal isolement als in financiële problemen dreigen te komen.

Zo werd een regeling geschrapt die het mogelijk maakte dat ook de mensen met een uiterst smalle beurs mee kunnen blijven doen aan het maatschappelijke leven . Ouderen gebruikte dit vaak om hun bibliotheek abonnement of zwemuurtje te bekostigen en gezinnen om de contributiekosten van de sport of scouting op te vangen.

Burgers die vanwege hun handicap afhankelijk zijn van hulp en of hulpmiddelen, gaan vanaf 2013 fors betalen. Deze extra kostenpost kan oplopen tot een paar honderd euro per jaar voor de minima ,een groot probleem voor deze groep mensen waar de gemeente geen oplossing voor getroffen heeft. Ook de mensen die vanwege hun handicap aangewezen zijn op vervoer van deur tot deur krijgen geen tegemoetkoming meer voor de extra kosten. Het laat zich raden wat er gebeurt met deze mensen als zij deze kosten niet meer kunnen opbrengen. En alsof dit nog niet genoeg is werd ook de bijzondere bijstand voor onvoorziene ziektekosten afgeschaft. Tel daarbij het gegeven dat juist deze groep mensen het meest gedupeerd wordt door de vele landelijke bezuinigingsmaatregelen dan zal ieder weldenkend mens begrijpen dat zij in enorme problemen gaan komen.

‘Wanbeleid leidt tot extra leed en maatschappelijke kosten’

Een fatsoenlijk vangnet kent Lingewaard niet. Pas als mensen in de schuldhulpsanering terecht zijn gekomen gaat de gemeente met deze mensen hun situatie bespreken, waar niet mee gezegd is dat de gemeente ook daadwerkelijk gaat helpen. Op deze manier bouw je niet aan een zorgzaam Lingewaard maar aan een ‘zoek het zelf maar uit’ gemeente .Dit kortzichtige beleid leidt niet alleen tot menselijk leed maar uiteindelijk ook tot extra kosten voor de samenleving, omdat de gedupeerden uiteindelijk bij andere en vaak veel duurdere zorg en hulp uitkomen. Maar de zelfbenoemd sociaal wethouder wil er allemaal niks van weten en blijft ondertussen doorgaan met zichzelf aan het woord te laten in de door de belastingbetaler betaalde media waarin hij Lingewaard voorhoud dat ‘iedereen mee kan doen en iedereen er toe doet’. Hele mooie woorden maar honingzoete woorden brengen geen haver in de kast.

 

U bent hier